een helpende hand is nooit ver weg

Jeugdrecht

Jeugdrecht gaat over hulpverlening binnen het gezin. Dat kan zowel in het vrijwillige kader, als in het gedwongen kader. Ik adviseer gezinnen graag al in het vrijwillige kader zodat een dwingend kader voorkomen kan worden. Bij hulpverlening in het gedwongen kader moet men denken aan een ondertoezichtstelling (OTS) of een uithuisplaatsing (UHP).

OTS/UHP

Zijn er zorgen over de ontwikkeling van een kind en komt de benodigde hulpverlening niet van de grond, dan kan de kinderrechter op verzoek van de Raad voor Kinderbescherming een kind onder toezicht stellen. De maatregel van ondertoezichtstelling is bedoeld om ouders bij de opvoeding te ondersteunen, om hen te begeleiden en toe te rusten om in de toekomst dat weer zelfstandig te kunnen. Tijdens de OTS blijft het kind meestal thuis wonen. De ondertoezichtstelling duurt in eerste instantie maximaal één jaar, maar kan daarna als de redenen voor het uitspreken van de OTS nog aanwezig zijn telkens met één jaar worden verlengd.

Als tijdens de ondertoezichtstelling blijkt dat met hulp en begeleiding in het gezin alleen de zorgen over de opvoeding of ontwikkeling van het kind niet voldoende kunnen worden weggenomen, dan kan de Raad voor de Kinderbescherming de rechter vragen om een machtiging tot uithuisplaatsing (UHP) te verlenen. Dat kan alleen als er sprake is van een ernstige bedreiging van de ontwikkeling of de veiligheid van een kind. Het uithuisplaatsen van een kind is alleen mogelijk als ook de ondertoezichtstelling is uitgesproken. In sommige gevallen wordt tegelijk met de (voorlopige) ondertoezichtstelling van een kind ook direct de uithuisplaatsing gevraagd.

Heeft u een oproep ontvangen van de rechter en wilt zich bij de zitting laten bijstaan door een ervaren jeugdrecht specialist? Neem dan contact met mij op!

Schriftelijke aanwijzing

Is er al een OTS uitgesproken en bepaalt de gezinsvoogd dat u iets moet doen of laten, dan kan dat in een schriftelijke aanwijzing worden opgenomen. Bent u het niet eens met de schriftelijke aanwijzing dan kan binnen veertien dagen na de dagtekening van de schriftelijke aanwijzing een verzoek bij de Kinderrechter worden ingediend om de aanwijzing vervallen te laten verklaren. De kinderrechter zal dan toetsen of de schriftelijke aanwijzing wel aan de wettelijke vereisten voldoet.